EXTRA M² · · 5 min lezen
Waarom het altijd nodig is, ook zonder vergunning
Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) stelt eisen aan de constructieve veiligheid van elk bouwwerk. Die eisen gelden altijd, ook als een uitbouw vergunningvrij is. Bij een vergunningvrij plan controleert de gemeente het alleen niet vooraf. De verantwoordelijkheid ligt dan bij u en uw bouwer, en een berekening is de manier om aan te tonen dat het klopt.
Bij een vergunningsaanvraag horen gegevens over de constructie bij de stukken. De gemeente toetst of het aannemelijk is dat het bouwplan aan de regels voldoet. Op verzoek kan zij in de vergunning bepalen dat de definitieve berekeningen later volgen, uiterlijk drie weken voor de start van het onderdeel waar ze over gaan. Hoe de aanvraag verder verloopt, leest u in omgevingsvergunning aanvragen.
Los van de regels is er een eenvoudiger reden. Een uitbouw of dakopbouw grijpt in op een huis waar mensen in wonen. Een te lichte ligger of een fundering die ongelijk zakt, ziet u niet de eerste dag, maar wel na een paar jaar in scheuren, klemmende deuren of erger.
Wat de constructeur bij een uitbouw berekent
Bij een uitbouw gaat de achtergevel meestal geheel of grotendeels open. Die gevel droeg de verdieping erboven, en vaak een deel van het dak. Dat gewicht moet ergens anders heen. De constructeur rekent aan:
- de stalen ligger boven de nieuwe opening: welk profiel, hoe lang, en hoeveel doorbuiging acceptabel is;
- de kolommen of muurdelen waar die ligger op rust, en de oplegging daarop;
- de fundering onder die kolommen, die nu een veel grotere puntlast krijgt dan de oude strook onder de gevel;
- de fundering, vloer en het dak van de uitbouw zelf, inclusief sneeuw, regenwater en eventueel een lichtstraat;
- de stabiliteit van het huis als geheel: een achtergevel die verdwijnt, droeg soms ook bij aan de stijfheid van het huis.
Wat er tijdens het doorbreken van de gevel gebeurt, met stempels en tijdelijke ondersteuning, leest u in de achtergevel doorbreken. Hoe de fundering wordt gekozen, staat in fundering voor een uitbouw.
Wat de constructeur bij een dakopbouw berekent
Bij een dakopbouw is de vraag anders. Er komt een hele bouwlaag op het bestaande huis, en die belasting gaat via de bestaande muren naar de bestaande fundering. De constructeur moet dus vooral beoordelen wat er al staat.
- Kunnen de dragende muren de extra belasting aan, en waar komt die precies terecht?
- Kan de bestaande fundering het extra gewicht dragen zonder ongelijke zakking?
- Is de huidige zoldervloer sterk genoeg om een verblijfsruimte te worden, of is een nieuwe vloer nodig?
- Hoe blijft het huis stabiel tegen wind, nu het hoger wordt?
- Wat gebeurt er met de aansluiting op de buren, bij een tussenwoning met gedeelde muren?
Voor nieuwe constructies rekent de constructeur volgens de Eurocodes, de Europese normen voor constructief ontwerp. Voor het beoordelen van een bestaand gebouw bij verbouw bestaat een aparte norm, NEN 8700, die rekening houdt met het feit dat het huis er al staat. Het antwoord bepaalt hoe zwaar de opbouw mag zijn. Daarom wordt een dakopbouw meestal licht uitgevoerd, in houtskeletbouw. Zie prefab of traditioneel bouwen.
Wat de constructeur van u nodig heeft
Een goede berekening begint met goede informatie over het huis. Hoe meer bekend is, hoe minder er met aannames en veiligheidsmarges gerekend hoeft te worden.
- Oude bouwtekeningen en, als die er zijn, de oorspronkelijke constructieve berekeningen. Veel gemeenten hebben een bouwarchief waar u die kunt opvragen.
- Informatie over de fundering: staat het huis op staal of op palen, en van welk materiaal? Bij twijfel kan een funderingsonderzoek nodig zijn.
- Gegevens over de bodem. Voor een nieuwe fundering is vaak een sondering nodig.
- Een opname ter plekke: wanddiktes, overspanningen, de richting van de vloerbalken en eventuele scheuren.
- Het ontwerp: waar komen de openingen, de trap, de badkamer en zware onderdelen zoals een lichtstraat of een warmtepomp?
Ontbreken tekeningen, dan wordt er met veilige aannames gerekend of moet er iets worden opengemaakt om te kijken. Dat kan leiden tot een zwaardere constructie dan strikt nodig. Een paar uur zoeken in het bouwarchief kan dus lonen.
Wat u ervoor terugkrijgt
De constructeur levert een berekening en constructietekeningen. Daarop staan de afmetingen van liggers en kolommen, de fundering, de verbindingen en de details die op de bouwplaats nodig zijn. Die stukken gaan mee met de vergunningsaanvraag of worden later aangeleverd, en ze zijn de basis waar de bouwer mee werkt.
De berekening heeft ook een rol in de kosten. Het profiel van de ligger, het aantal palen en het type fundering liggen pas vast als de constructeur heeft gerekend. Voor die tijd zijn het schattingen. Een offerte die al rekening houdt met een realistische constructie, geeft minder verrassingen achteraf. Lees wat een uitbouw kost voor de factoren die de prijs bepalen.
Wie regelt de constructeur?
U kunt zelf een constructeur inschakelen, of dat laten regelen door uw bouwer. Het voordeel van één partij is dat het ontwerp, de berekening en de uitvoering op elkaar aansluiten, en dat u één aanspreekpunt heeft. Wat er ook gebeurt: vraag altijd om de berekening en de tekeningen, en bewaar ze. Bij een latere verbouwing of de verkoop van het huis zijn ze waardevol.
Bij een bezoek aan huis kijken we samen naar de constructie en de fundering, en zeggen we wat er voor uw plan uitgezocht moet worden. Lees hoe het traject verloopt in onze werkwijze of vraag een offerte aan.